2018 bewogen jaar rond spoorverbinding Nijmegen-Kleef

2018 bewogen jaar rond spoorverbinding Nijmegen-Kleef

NIJMEGEN – Sinds de tweede helft van 2017 publiceert RN7 met enige regelmaat over de Keizerlijn, de naam die aan de spoorverbinding tussen Nijmegen en Kleef is gegeven door VIEV (Vereniging voor Innovatief Euregionaal (rail)Vervoer). Wordt deze verbinding ooit nog (letterlijk en figuurlijk) op de rails gezet?

We zetten de ontwikkelingen van het afgelopen jaar rond deze verbinding op een rij.

De Keizerlijn is een project dat de gemoederen niet alleen bezighoudt, maar ook van tijd tot tijd hoog doet oplopen. Initiatiefnemer VIEV wil reactivering van de railverbinding tussen Nijmegen en Kranenburg op het reeds bestaande spoor. Het project is door Maurice Niesten, de voorzitter van VIEV, in 2014 en door VIEV in 2015 ingediend bij de Provincie Gelderland. Sindsdien zijn er de nodige bezwaren opgeworpen, maar die werden soms ook net zo snel weer ontkracht.

Op de symbolische datum 9 mei 2018, de Dag van Europa, blies VIEV de Nijmeegsche Spoorwegmaatschappij (NSM) nieuw leven in. De reactivering kwam daarmee nog prominenter onder de aandacht.

Tekst gaat verder onder de video. Bron timelapse: NSM




Bezwaar hoge kosten gaat niet op

De ingebruikneming van de lijn werd oorspronkelijk geschat op 116 miljoen, maar na grondig onderzoek bleek het mogelijk voor een fractie van dat bedrag. VIEV kwam namelijk met een nieuw voorstel. In eerste instantie werd uitgegaan van de noodzaak van de aanleg van twee dure tunnels, maar dat is helemaal niet nodig, omdat met een wissel aangetakt kan worden op de bestaande Maaslijn (de spoorlijn tussen Nijmegen en Roermond). In een schrijven aan VIEV van 21 augustus 2018 zei de Provincie de aantakking op de Maaslijn als een reële mogelijkheid te zien.

Ook de gemeente Nijmegen onderstreepte deze visie in een brief aan de gemeenteraad van oktober 2018. Met de aantakking wordt de dure teruglegging van een derde spoor bij station Heyendaal voorkomen. Wat resteert zijn dan nog de kosten van het geheel vernieuwen van de spoorlijn vanaf de wissel tot aan de Duitse grens, in totaal zo’n 10 kilometer. Dat kost ongeveer 15 miljoen euro.

Natuur niet aangetast

De reactivering van de spoorverbinding kan ook op de nodige tegenstand rekenen als het gaat om de doorsnijding van natuurgebieden (Natura 2000 en Gelders Natuurnetwerk). In de directe omgeving van de spoorlijn is echter geen Natura 2000-gebied aanwezig. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied, De Bruuk, ligt op ongeveer 1,8 kilometer afstand van de spoorlijn.
De spoorlijn loopt wel door het Gelders Natuurnetwerk (GNN), dat is aangewezen als Groene Ontwikkelzone (GO). Bij een dergelijke zone zijn beschermende maatregelen verplicht, wanneer er sprake is van ontwikkelingen waarvoor een nieuw bestemmingsplan moet worden vastgesteld. Aangezien er al een passende bestemming aanwezig is, namelijk het bestaande spoor, is er formeel gezien wellicht helemaal geen sprake van een nieuwe ontwikkeling. Dan zouden de beschermende maatregelen niet van toepassing zijn.

Verbetering van grensoverschrijdend openbaar vervoer levert verder een bijdrage aan de klimaatdoelstellingen. Inzetten op het intensiveren van de bestaande busverbinding heeft daarbij een beperktere positieve impact op de omgeving dan het reactiveren van een treindienst. Een spoorverbinding is milieuvriendelijker dan een intensieve busverbinding.

Reizigersvereniging Rover: gemiste kans

Rover Arnhem-Nijmegen noemt de ontwikkelingen rond de verlaten spoorlijn tussen Nijmegen en het Duitse Kleef een gemiste kans. Rover ziet potentie in de lijn en zet zich al jaren in voor reactivering. De Duitste overheden, de Kreis Kleve en de Landtag Nordrhein Westfalen zijn ook voorstander van reactivering. In oktober 2018 maakte de Kreis Kleve bekend al vijftigduizend euro te hebben gereserveerd voor een nieuwe verkenning. De Verkehrsverbund Rhein-Ruhr (VRR) is bezig met de aanbesteding voor de RE10 van Düsseldorf naar Kleve en wil de spoorlijn graag doortrekken tot Nijmegen met milieuvriendelijke waterstoftreinen.

Aan Nederlandse zijde is echter veel onwil. De provincie Gelderland steekt geen geld meer in verder onderzoek. De gemeente Berg en Dal wil geen treinen door het centrum van Groesbeek, behoudt liever de toeristische railbikes die nu over de spoorlijn rijden en heeft onlangs het tracé voor één euro gekocht van ProRail. De overdracht vindt plaats in het eerste kwartaal van 2019. Ook de gemeente Nijmegen zet zich niet in voor reactivering.

De provincie Gelderland heeft de handdoek in de ring gegooid, nadat uit onderzoek van Movares bleek dat er dagelijks zo’n 3.400 reizigers gebruik zouden maken van de spoorlijn. Omdat een deel hiervan nu gebruikmaakt van de bus tussen Nijmegen en Kleef, zou de reizigersgroei maar zo’n 800 personen per dag zijn. Rover Arnhem-Nijmegen noemt het onderzoek “een aanfluiting”, want “de aantallen studenten zijn erg laag ingeschat. Toekomstige ontwikkelingen zijn niet meegenomen, zoals een grotere samenwerking in de Euregio Rhein-Waal, een groei van de arbeidsmarkt in dat gebied en potentiële reizigers naar vliegveld Weeze”.

Conferenties

Op 27 januari 2018 werd in Groesbeek de conferentie ‘Geen grenzen, maar verbindingen’ georganiseerd voor alle betrokkenen bij het project van reactivering. De algehele consensus tijdens de conferentie was dat “de toename van het grensoverschrijdend verkeer, de verkeersdruk in de steden en dorpen in het grensgebied, alsmede de economische kansen voor de regio vragen om een snelle, zorgvuldig geplande en stapsgewijze heropening van de railverbinding”.

Op 10 oktober 2018 hield werknemersvereniging FNV een seminar getiteld ‘Grensoverschrijdende infrastructuur en openbaar vervoer’ (foto bij dit artikel). Wilco Veldhorst, FNV bestuurder en voorzitter van de Internationale Vakbondsraad Rijn-IJssel, tijdens dit seminar: “De infrastructuur in de grensstreek wordt als knelpunt ervaren in een grensoverschrijdende arbeidsmarkt en een grensoverschrijdende regionale economie. De grenzen zijn open, maar met de verbindingen is het slechter gesteld dan ooit tevoren. Zo is de wegverbinding tussen Nijmegen en Kleef uiterst filegevoelig, maar alternatieven zijn er nauwelijks. Voor de snelweg aan de andere kant van de Rijn geldt hetzelfde. Het spoor tussen Arnhem en Oberhausen is overbelast. De provincie én de gemeente Berg en Dal tonen amper enthousiasme voor veel beter openbaar vervoer tussen Nijmegen en Kleef. Tot nu toe is het vooral lippendienst en de verlenging van de B9 tot Kleef is in Duitsland uit alle planningen weggehaald. Dat samen met een onmogelijk Trajanusplein, een rondweg die ergens eindigt bij de Stuwwal in Beek én een steeds drukkere route van Nijmegen via Kleef, Emmerich naar de Achterhoek als alternatief voor een overbelaste en filegevoelige A12/A3 (Arnhem-Oberhausen) zorgt voor meer verkeersaanbod op een weg die dat amper nog aankan. Want er is niet alleen een probleem in Beek, maar vlak over de grens wurmen steeds meer auto's zich door dorpen als Donsbrüggen, Kranenburg, Nütterden”.

Dreigend verkeersinfarct

Veldhorst waarschuwt: “Het gaat niet om dat spoor alleen, maar het spoor is een deeloplossing voor een totaalprobleem dat de regio aan beide kanten van de grens heeft. Dat probleem heet een dreigend verkeersinfarct. Inmiddels is ook de autoroute via Kleef en Emmerich naar de Achterhoek al niet ‘zeker’ meer. Vorige week stond ik dik twintig minuten stil –echt stil- op de dijk bij Emmerich, vóór ik de brug over kon. Ook bij afslag Rees had ik een minuut of vijftien vertraging. Daar stond ik zelfs op de Autobahn al stil. Er moet een totaaloplossing komen om Nijmegen bereikbaar te houden en die totaaloplossing kunnen we alleen aan de oostkant van de stad vinden. Slimmer werken doen universiteit, Hogeschool en Radboudziekenhuis al met geleidende werktijden, meer asfalt komt er voorlopig niet, dus zit de oplossing in beter openbaar vervoer over de grens met een grotere capaciteit dan de bus heeft en een veel frequentere en snellere dienst. Als er in de spits iedere twintig minuten een trein rijdt tussen Nijmegen en Kleef (zoals tussen Arnhem en Doetinchem), kun je heel veel woon-werkverkeer weghalen van de route door de stad, van de route vanaf CS naar Heyendaal en van de bus van CS naar Heyendaal”.

Tijdens het RN7 Jaaroverzicht spraken presentatoren Eva van den Berg en Job Maresch met Maurice Niesten van VIEV en met Ans Huisman, Statenlid voor de VVD in de provincie Gelderland.

Nu op radio RN7: {{ current_item.title }} {{ current_item.title }}
Straks:
{{ next_item.title }}
{{ next_item.title }}