In Berg en Dal nog altijd dreiging van niet-ontplofte munitie

BERG EN DAL – In de bossen rondom Berg en Dal en andere delen van het buitengebied liggen nog altijd zogeheten Niet Gesprongen Explosieven (NGE) uit de Tweede Wereldoorlog. In 2017 heeft de gemeente voor 120.000 euro aan extra kosten gemaakt, vanwege het gevaar van mogelijke NGE’s.

Volgens een raadsvoorstel krijgt de gemeente maximaal 70 procent van de gemaakte kosten vergoed door de rijksoverheid. Dat komt neer op 84.000 euro. De extra kosten zijn vooral veroorzaakt door het project ‘Ruimte voor de rivier in Millingen aan de Rijn (55.000 euro) en de aanleg van de drukriolering Vlietberg (24.000 euro).   

Veiligheid bij grondwerkzaamheden

Berg en Dal staat bekend als een gemeente waar nog altijd opvallend veel niet-ontplofte munitie wordt aangetroffen, zelfs zo’n 75 jaar na de oorlog. De kosten worden vooral gemaakt om de veiligheid te waarborgen van mensen die betrokken zijn bij grondwerkzaamheden.

Het rijk keert jaarlijks een vergoeding uit aan gemeenten als tegemoetkoming in de kosten voor het veiligstellen van een werkgebied. Deze vergoeding, ook wel suppletiebesluit of bommenregeling genoemd, kon alleen door de gemeente worden aangevraagd. De regeling is bedoeld om een te ontwikkelen gebied niet te veel financieel te belasten. Dat zou eventuele plannen namelijk belemmeren.

Bommenregeling

De gemeente is echter niet altijd de opdrachtgever bij projecten. Ook Staatsbosbeheer, provincie en particulieren hebben hun projecten. Sinds 2017 kunnen ook andere partijen dan de gemeente aanspraak maken op de bommenregeling. In het verleden heeft de gemeente deze andere partijen geholpen bij het verkrijgen van een financiële vergoeding via het suppletiebesluit.

Nu op radio RN7: {{ current_item.title }} {{ current_item.title }}
Straks:
{{ next_item.title }}
{{ next_item.title }}