Rob Jetten: 'Ik heb me verbaasd over de drukte in Den Haag'

Rob Jetten: 'Ik heb me verbaasd over de drukte in Den Haag'

UBBERGEN – Toen we D66-fractievoorzitter Rob Jetten spraken, wilde hij nog niet zeggen of hij lijsttrekker wilde worden van zijn partij. Inmiddels is bekend dat hij ervan af ziet, en partijgenoot en minister Sigrid Kaag steunt. Jetten zei al wel dat hij met plezier nog vier jaar Kamerlid zou blijven. Dat lijkt dus inderdaad te gaan gebeuren.

Verschil regio-Randstad

Maar eigenlijk ging het gesprek nauwelijks over dat mogelijke lijsttrekkerschap. Jetten woont sinds 1,5 jaar in Ubbergen, en is doordeweeks in Den Haag. We spraken over zijn tijd als fractievoorzitter in de Nijmeegse gemeenteraad, en over zijn jeugd. Die bracht hij door in het Brabantse Uden, het gebied waar corona vroeg en hard toesloeg. Jetten: “Toen we ons in Nederland nog afvroegen of corona deze kant op zou komen, hoorde ik al van Brabantse familieleden dat de hele carnavalsvereniging ziek was.” Hij heeft zich in die periode verbaasd over het verschil tussen Randstad en onze regio: “Er waren bijvoorbeeld in Beek veel besmettingen, en je merkte in onze regio dat mensen al snel 1,5 meter afstand hielden en het rustiger werd op straat. Doordeweeks verbaasde ik me dan in Den Haag over de drukte.”

Dezelfde thema’s

Als kind wist Jetten al vroeg wat hij wilde. “Ik wilde vroeger vooral mijn eigen problemen oplossen, en dan kwam ik daarna trots vertellen wat de uitkomst was. Als iemand wilde helpen, werd ik daar opstandig van. Nu heb ik wel geleerd dat hulp van anderen nuttig en leuk kan zijn, maar ik ben nog steeds meer een binnenvetter, zeker als het over emoties gaat.”

Toen Jetten zich bewuster bezig ging houden met de wereld om zich heen, werd hij geraakt door thema’s die hem nu nog steeds bezig houden: “De vrijheid om te mogen zijn wie je wil zijn en te zeggen wat je wil zeggen. En daar staat een verantwoordelijkheid tegenover: hoe kun je respect voor elkaar opbrengen, en beoordeel je anderen op hun daden, of op hun afkomst, kleur, of op wie ze toevallig verliefd kunnen worden?”

Rolmodel

Wat betreft dat laatste was Jetten nooit van plan een lhbti-rolmodel te worden, of zich als politicus bezig te houden met homo-emancipatie. “Ik ben er jaren amper mee bezig geweest. Toen ik fractievoorzitter werd, schreef een nationale krant ‘de openlijk homoseksuele fractievoorzitter van D66’. Dat bracht een shock bij me teweeg. Ik dacht: wat doet dat er eigenlijk toe? We schrijven ook niet over Klaas Dijkhoff of Jesse Klaver als ‘de openlijk heteroseksuele fractievoorzitters’. Dat heeft me wel aan het denken gezet.”

Sindsdien kreeg Jetten al veel berichten van mensen die worstelen met hun geaardheid of de acceptatie van hun omgeving. Hij lijkt het met wat tegenzin te doen, maar hij heeft zijn podium wel gebruikt, met als meest recente voorbeeld de Internationale Dag tegen Homofobie en Transfobie. Toen las hij haatberichten voor die hij op sociale media ontvangt, en die verwijzen naar homoseksualiteit. “Ik wilde Nederland een spiegel voorhouden over homohaat. Ik geloof heus niet dat iedereen bewust ‘homo’ of ‘flikker’ als scheldwoord gebruikt langs het voetbalveld of op het werk, maar ik wilde dat mensen zich wat bewuster worden van wat de impact van zulke woorden kunnen zijn.”

Beluister hieronder het hele gesprek. Ook onder meer over de katholieke kerk, een nerderige krantenlezer, de toekomst van ProRail, een nieuw kiesstelsel, en het nut voor onze regio van Kamerleden ‘van hier’.

Michiel van Heijst
Politiek verslaggever

Nu op radio RN7: {{ current_item.title }} {{ current_item.title }}
Straks:
{{ next_item.title }}
{{ next_item.title }}