Bestuurskundige RU: ‘betrokkenheid tonen bij aanpak jeugdgroepen’

Bestuurskundige RU: ‘betrokkenheid tonen bij aanpak jeugdgroepen’

NIJMEGEN – Het tonen van betrokkenheid is belangrijk bij de politieaanpak van problematische jeugdgroepen. Dit meent bestuurskundige Anne van Uden van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zij promoveert op 27 juni.

Jeugdgroepen die voor overlast zorgen of crimineel gedrag vertonen blijken een terugkerend en hardnekkig probleem voor de politie.

Het tonen van betrokkenheid is belangrijk bij de aanpak, maar de praktijk blijkt ingewikkeld. Dat concludeert Van Uden in haar promotieonderzoek naar de politieaanpak van problematische jeugdgroepen. Dat voerde zij uit aan de Radboud Universiteit, in samenwerking met de Politieacademie.

‘Nieuwe generatie’ jeugdgroepen

Het blijkt een moeilijk te doorbreken patroon: problematische jeugdgroepen. Het kan tijdelijk rustig worden in een wijk, maar vaak wordt de oude jeugdgroep opgevolgd door en/of vermengt zij zich met een ‘nieuwe generatie’.

Onderzoek naar de manier waarop de politie deze problematische jeugdgroepen aanpakt, is schaars. ‘In de onderzoeken die er zijn, wordt vooral gekeken naar ontstaan en samenstelling van jeugdgroepen, en naar de beoogde aanpak van de politie. Er wordt echter veel minder naar de uitvoering van die aanpak gekeken. Daarnaast wordt er nu voornamelijk gekeken naar criminaliteit- en veiligheidscijfers in plaats van hoe de politie met burgers omgaat’, vertelt bestuurskundige Anne van Uden.

Reactief versus preventief

Van Uden draaide mee met diensten van de politie. Op basis van interviews, observaties en inzage in documenten bracht zij de aanpak van problematische jeugdgroepen én de uitvoering in kaart.

Uit het onderzoek blijkt dat de politie de neiging heeft om vooral reactief op te treden in plaats van preventief. ‘Wat ik zag is dat de politie vooral handelde op het moment dat het echt niet anders meer kon. Je kunt er ook voor kiezen als politie om contacten te leggen en te onderhouden met jongens uit de groep, zodat de kans groter wordt dat problemen niet te groot worden. Op een van de plekken die ik onderzocht vond de politie het belangrijk om te investeren in dat soort contacten. Een klein deel van het team hield zich hier dagelijks mee bezig’, vertelt Van Uden.

Goede analyse halve werk

Daarnaast is het belangrijk dat de politie de samenstelling van de jeugdgroep goed analyseert: ‘Het klinkt zo voor de hand liggend, analyseren wie er in de jeugdgroep welk gedrag vertonen. Maar onder andere door gebrek aan tijd wordt vaak alleen een globale schets van de groep gemaakt in plaats van een precieze analyse van de individuele leden van een groep. Bij het maken van een analyse zou het goed zijn wanneer een politieteam samenwerkt met informatiemedewerkers. Maar bij de Nationale Politie is de afstand tussen operationele en analysemedewerkers groter geworden.’

Ook samenwerken met andere partijen kan de probleemanalyse ten goede komen volgens Van Uden. ‘Het jongerenwerk is een partner die een preventieve rol op zich kan nemen, maar een gebrek aan onderling vertrouwen en een verschil van inzicht in elkaars rol maken de samenwerking problematisch.’

Betrokkenheid tonen en preventie

Volgens de Radboudonderzoeker valt of staat de uitvoering van de aanpak van jeugdgroepen met het tonen van betrokkenheid. Uit het onderzoek wordt duidelijk dat betrokkenheid tonen betrekking heeft op drie aspecten, namelijk dat de politie in nabijheid van burgers verkeert, rekening houdt met hun individuele omstandigheden en het belangrijk vindt om burgers op een eerlijke en respectvolle manier te behandelen.

Van Uden: ‘Het leggen en onderhouden van contacten speelt bij al die drie aspecten een belangrijke rol en het is bijvoorbeeld belangrijk voor de probleemanalyse die de politie maakt. Bovendien, zo vertelden politiemensen zelf, is contact maken een belangrijke manier om er als politie voor te zorgen dat jongens uit de jeugdgroep de politie vertrouwen.’ Een van de aanbevelingen die Van Uden daarom doet, is om binnen politieteams structureler aandacht te hebben voor het tonen van betrokkenheid. ‘Dit gaat verder dan het organiseren van één of twee bijeenkomsten waarin politiemensen verteld wordt wat het belang van die betrokkenheid is’, zegt Van Uden.

Waardevolle politie

Bij de beoordeling van politiewerk wordt vaak gekeken naar de ontwikkeling van criminaliteits- en veiligheidscijfers. ‘Dat is te eenzijdig. Het werk van de politie is veel breder dan criminaliteitsbestrijding. Er zou daarom enige terughoudendheid moeten zijn met het trekken van conclusies op basis van criminaliteits- of veiligheidscijfers. Bij de beoordeling van politiewerk zou je ook moeten kijken naar hoe de politie met burgers omgaat. Pas dan kun je iets zeggen over of de politie op een waardevolle manier haar werk doet’, concludeert Van Uden in haar promotieonderzoek.

Nu op radio RN7: {{ current_item.title }} {{ current_item.title }}
Straks:
{{ next_item.title }}
{{ next_item.title }}