Schrijfster Anneke Nolet brengt boek uit over vrouwen in het verzet

Schrijfster Anneke Nolet brengt boek uit over vrouwen in het verzet

NIJMEGEN – Waarom horen we zo weinig over vrouwen die actief waren in het verzet in de Tweede Wereldoorlog? In het jaar dat we herdenken dat we 75 jaar geleden bevrijd zijn, bracht schrijfster Anneke Nolet bij Uitgeverij Vantilt een boek uit waarvoor ze onderzocht waarom verzetsvrouwen zo onzichtbaar blijven.
Na de oorlog is over verzetsmannen veel geschreven, bijvoorbeeld in een boek uit 1951 dat 'Het Grote Gebod, gedenkboek van het verzet in LO en LKP' heet. Het gaat over twee grote verzetsorganisaties; de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO) en de Landelijke Knokploegen (LKP). "Er staan drie namen van vrouwen uit Nijmegen in die actief waren in het verzet: Toby Scholte en Claar Herckenrath die bij de LO zaten en Petri van den Hengel van de LKP", vertelt Anneke Nolet die al sinds 2013 publiceert over Nijmeegse verzetsvrouwen. Zij studeerde aan de Radboud Universiteit, die in haar tijd de Katholieke Universiteit Nijmegen heette. Na een loopbaan als lerares ging ze daar ook werken. Ze deed tussen 1974 en 2006 bestuurs- en organisatiewerk voor de universiteit.

Vrijer

"Er waren juist veel vrouwen actief in het verzet omdat zij zich tijdens de bezetting vrijer konden bewegen dan mannen. Als man liep je de kans opgepakt te worden op straat vanwege de arbeidsinzet: mannen tussen 17 en 40 jaar werden opgeroepen om in Duitsland te werken", vertelt een 95-jarige inwoner van Ubbergen die zelf de oorlog meemaakte in Nederland.

Koerierswerk

Nolet vertelt dat Marjan Schwegman in 1979 als eerste onderzoek deed naar vrouwen en verzet. Van haar hand is de publicatie 'Het stille verzet'. Zij schreef dat zowel mannen als vrouwen in het verzet actief waren, maar dat de taakverdeling wel seksebepaald was. Vrouwen waren vaker actief in de zorg. Later namen ze taken over die meer als mannenwerk werden gezien, zoals koerierswerk. Zij konden zich immers makkelijker op straat wagen, ook omdat de bezetter van hen minder verwachtte dat zij zich met verzetswerk bezig hielden.

Overnemen

Nolets conclusie is dat vrouwen in Nijmegen en omgeving vanaf het begin betrokken waren bij verzetsactiviteiten en steeds actiever werden. "Regelmatig namen ze het werk van hun gearresteerde of ondergedoken man over", schrijft Nolet. "Vrouwen spanden zich in voor bijna alle soorten verzetswerk en maakten zelfs deel uit van plaatselijke verzetsstops." Ze heeft zeer uitgebreid onderzoek gedaan naar onder andere de positie van de vrouw in de veertiger jaren en vraagt zich af in haar boek of dat ook invloed had op de berichtgeving over de rol van de vrouwen in het verzet.

Twee delen

Haar boek 'Vrouwen en verzet in het Rijk van Nijmegen 1940-1945' bevat 352 pagina's en bestaat uit twee delen. In het eerste deel belicht ze zeven vrouwen uit Nijmegen en omgeving van het zogeheten Agfa-Kommando. In het tweede deel gaat ze dieper in op het Nijmeegs verzet en de inzet van vrouwen daarin. Het boek is op 18 mei verschenen bij Uitgeverij Vantilt, die veel boeken over geschiedenis heeft uitgebracht. 

Tekst: Rosanne de Boer 

 

Nu op radio RN7: {{ current_item.title }} {{ current_item.title }}
Straks:
{{ next_item.title }}
{{ next_item.title }}