Wethouder: "Gaan niet zelf minimumloon voor werknemers gemeente verhogen"

Wethouder: "Gaan niet zelf minimumloon voor werknemers gemeente verhogen"

NIJMEGEN – De gemeente Nijmegen gaat niet zelf minimumlonen van medewerkers van de gemeente verhogen naar 14 euro per uur. Het college legt daarmee via een motie afgedwongen oproep van de gemeenteraad naast zich neer. Wethouder Monique Esselbrugge (D66) vindt dat dit landelijk geregeld moet worden.

14 euro

De motie van GroenLinks, SP, PvdA en 50Plus riep het college op om bij de landelijke regering aan te dringen om het minimumloon te verhogen naar 14 euro per uur. Dat wil het college wel doen, maar daarnaast dringt de motie er ook op aan om er zo snel mogelijk werk van te maken dat alle medewerkers die werkzaam zijn voor de gemeente Nijmegen, ook payrollers en uitzendkrachten, minimaal 14 euro per uur verdienen. Ook moest het college het belang van een minimumuurloon van 14 euro per uur actief uit te dragen in de gesprekken die men voert met bedrijven en organisaties die voor, of in opdracht van de gemeente Nijmegen werken.

Onvoldoende

“Het huidige minimumloon is vaak onvoldoende voor mensen om de vaste lasten mee te betalen, waardoor men dan afhankelijk wordt van aanvullende regelingen voor het inkomen”, zegt eerste indiener van de motie Jeanine Brummel-Ahlaloum (GroenLinks). “Dat zijn slechts reparatiemiddelen voor een basis die onvoldoende is. 14 euro is een norm die Europees vastgesteld is als noodzakelijk om aan je vaste lasten te kunnen voldoen. Dan is het raar dat je mensen laat werken voor minder dan dat. Mensen verdienen een fatsoenlijk loon.”

"Niet in de positie om uit te voeren"

Bij het aannemen van de motie door de gemeenteraad was wethouder Monique Esselbrugge er al niet blij mee, omdat het volgens haar de gemeente potentieel vele tonnen zou kunnen gaan kosten. Het college legt nu een deel van de motie naast zich neer. “Wij zijn niet in de positie om die laatste twee punten uit te kunnen voeren", zegt Esselbrugge. "Het verhogen van het minimumloon is een landelijke aangelegenheid tussen het Rijk en de onderhandelende partijen bij de totstandkoming van het CAO. Deze motie hoort dan ook thuis in de Tweede Kamer. Daarnaast is het zo dat als wij dit zelf zouden doen, dit leidt tot verstoring van het gehele loongebouw. Andere mensen op hogere functies willen dan ook meer gaan verdienen.”

Argumentatie

Brummel-Ahlaloum vindt het jammer dat het college haar motie deels als onuitvoerbaar beschouwt en herkent zich in ieder geval ten dele niet in de argumentatie van het college. “Dat het landelijk goed geregeld moet worden is iets waar ik het mee eens ben. Maar eerst stelde de wethouder dat het tonnen zou gaan kosten, terwijl het volgens mijn inventarisatie om 19 mensen ging, waarvan vijf maar één euro minder dan die 14 euro verdienen. Dit argument wordt nu ook niet meer opgevoerd. Wel wordt gesteld dat je mensen in andere functies moet indelen en daardoor het loongebouw verstoord wordt. Maar in de functie waarin deze mensen zitten is via de treden die 14 euro al gewoon te halen.”

Dion van Alem
Politiek verslaggever

 

Nu op radio RN7: {{ current_item.title }} {{ current_item.title }}
Straks:
{{ next_item.title }}
{{ next_item.title }}