Column van Vincent Cantrijn: Inclusie

Column van Vincent Cantrijn: Inclusie

Wekelijks leest Vincent Cantrijn zijn column voor in het radioprogramma Wat een Week. De aflevering van deze week is hieronder te lezen:

“Naar een ideale samenleving waar inclusie de norm is."  Dat waren afgelopen week de openingswoorden van wethouder Titus Burgers bij de startbijeenkomst "Iedereen doet mee" in het kasteel van Wijchen. Wijchen beschouwt zich als een van de koplopers bij de uitwerking van het VN-Verdrag voor mensen met een beperking. Voor gemeenten betekent dit dat zij passende maatregelen moeten nemen zodat personen met een handicap zo zelfstandig en onafhankelijk mogelijk kunnen leven. Dit verdrag trad op 14 juli 2016 in Nederland in werking. Als je bijna drie jaar later koploper bent met een startbijeenkomst kan niet echt gesproken worden van een vliegende start in Nederland. Dat realiseerde April Ranshuijsen, fractievoorzitter van Groen Links in Nijmegen, zich ook. April schrok zich natuurlijk kapot dat Wijchen al een startbijeenkomst met belangengroepen had gehouden en het altijd vooroplopende Nijmegen niet. Dus diende ze afgelopen woensdag een motie in om wethouder Bert Velthuis in de startblokken te krijgen. Of ze het woord inclusie ook heeft gebruikt weet ik niet. Misschien wilde ze Bert niet al te zeer in verlegenheid brengen met moeilijke woorden. Bert moet vóór de zomervakantie laten weten hoe het College er over denkt om iedereen mee te laten doen.

Carnaval

Iedereen doet mee. Dat geldt niet voor de komende carnavalsdagen. Dit tot grote spijt van de pure carnavalsliefhebbers. “Carnaval vier je in je eigen dorp en niet in Den Bosch of Cuijk,” aldus Mathieu Uijen van het Urnekabinet in Wijchen. Ik ben het daar mee eens. Maar een jarenlange diep lokaal gewortelde carnavalstraditie bouw je niet zo maar op. Afgelopen week was de documentaire “Nao ut Zuuje” weer te zien op tv. Niet gekeken? Alsnog doen. Iedereen doet mee. Vanzelfsprekend. Net als in Binche; een klein dorpje in Wallonië. Jaarlijks hoogtepunt is het carnavalsweekend met Les Gilles de Binche. Deze traditie gaat terug tot het jaar 1549. Het feest is door de Verenigde Naties toegevoegd aan de Lijst van Meesterwerken van het Orale en Immateriële Erfgoed van de Mensheid. Dan praat je nog eens ergens over. Een paar jaar geleden was ik uitgenodigd om dit feest echt van binnenuit mee te maken. Zoals ook het mogen bijwonen van de Basler Fassnacht een geweldige ervaring was. Ik was als buitenstaander welkom in een lokale gemeenschap en voelde me niet buitengesloten. Een voorbeeld voor de huidige maatschappij.  

‘Schik op de Mèrt’ in Wijchen en ‘Ga mee van café naar café’ in Nijmegen vind ik prachtige initiatieven om het lokale carnavalskarakter te benadrukken en te koesteren. Ik beschouw me mijn hele leven lang al lid van de niet bestaande maar wel noodzakelijke vereniging van liefhebbers van carnavalsliedjes zoals die ooit bedoeld zijn: in het plaatselijke dialect, lokaal georiënteerd en met complete onzin als tekst of juist met een diepere betekenis. In niets lijkend op de liederlijkheid en platheid waarmee carnavalsliedjes vaak worden geassocieerd. Kijk eens naar de titels van de liedjes in de Top 44 van Knotsenburgse Kèrnefalsliedjes  Die liedjes verbroederen en dan doet iedereen vanzelf mee. Dat zorgt voor carnavalistische inclusie.

Vincent Cantrijn

Nu op radio RN7: {{ current_item.title }} {{ current_item.title }}
Straks:
{{ next_item.title }}
{{ next_item.title }}